De Dwarsweg slingerde langs huizen en boerderijen. Dit had te maken met de kavels land en de loop van de sloten, zoals die bij de inpolderingen van Rozenburg zijn aangelegd. Een prachtige wandeling was die via de Dwarsweg naar de Rozenburgsedijk, de Blankenburgseweg en dan weer terug naar de Dwarsweg. Op deze plek aan de Dwarsweg maakte een sloot een scherpe bocht en daar stonden vier wilgenbomen. In de zomer zette Gijs Meulendijk zijn konijnenhokken bij en onder de wilgen. Als Gijs vanuit zijn huis zag dat er belangstelling was voor zijn konijnen, kwam hij daar uitgebreid over vertellen. Rechts, voor het schuurtje met de twee vensters, zat het varken voor de slacht. Naast Gijs Meulendijk woonde Ysbrand Koornneef die jarenlang melkboer is geweest.

 

In 1920 kwam Arie Berkhout met zijn gezin op deze oude boerderij aan de Dwarsweg 21, wonen en werken. Arie had de boerderij al in 1911 gekocht. Hij was getrouwd met Arendje Lieve en zij kregen zeven kinderen. Met zijn echtgenote ging hij het bedrijf beheren, samen met hun zoons Dirk en Korstiaan Cornelis. Na het overlijden van Dirk Berkhout in 1954 beheerde zijn zoon Arie Dingeman, getrouwd met Lenie de Jong, het bedrijf met zijn ongehuwde oom Korstiaan Cornelis. In de Tweede Wereldoorlog werd er Duits afweergeschut achter de boerderij geplaatst. De plaatsing daarvan hebben vooral Rozenburgse tuinders ondervonden. Granaatscherven vernielden veel kas- en warenhuisruiten.

 

Omstreeks 1850 werd de ‘boerderij van Berkhout’ bewoond door Leendert van Santen. Bij een publieke verkoping kwam de boerderij in het bezit van de familie Van Weel uit Dirksland. Pachter Johannes van Dorsser werkte en woonde hier tot 1920. Hij was getrouwd met Johanna Barendregt. In 1920 vertrok Van Dorsser naar Amerika, zonder zijn gezin. Zijn vrouw en kinderen vonden onderdak in een boerderij aan de Zandweg. Arie Berkhout kwam daarna met zijn gezin naar de boerderij aan de Dwarsweg. In 1961 is het met deze oude boerderij, die al op een polderkaart van 1727 werd vermeld, gebeurd. De bezittingen van de familie Berkhout werden voor een deel opgekocht door de gemeente Rozenburg. De familie Berkhout begon daarop een bedrijf te Pilsum in Duitsland.

 

Dit pand van metselaar Jan Willem den Boer lag aan de kruising van de Blankenburgseweg, de Dwarsweg en de Binnendijk. Den Boer was op 28 augustus 1934 getrouwd met Klazina Koornneef. Het echtpaar kreeg zes kinderen: Bets, Piet, Wim, Janne, Lenie en Leo. Deze voormalige boerderij werd door hem gekocht in de jaren dertig van een boer die failliet was gegaan, dat gebeurde toen veel. Een dergelijk boerderij werd dan verbouwd tot meerdere woningen. Na zijn huwelijk woonde zoon Piet met zijn vrouw Hilletje Wolters in een van deze woningen. In de schuur had Arie Mol opslag voor zijn fouragehandel, later werd hij kolenhandelaar. In 1965 werd het perceel door de gemeente Rotterdam onteigend. Piet den Boer verhuisde naar een nieuwe woning in Rozenburg. Hij bleef het werk in de tuinbouw trouw, al moest hij daarvoor naar het Westland.

 

In de tijd dat Rozenburg nog geen straatnamen kende, maar alleen dijknamen, was de tegenwoordige Emmastraat het middengedeelte van de Bomendijk. De Bomendijk strekte zich uit van de kruising Binnendijk - Blankenburgseweg tot voorbij de Volgerweg, bij de Brielse Maas. Niet altijd hielden de Rozenburgers zich aan de officiële naam. De Binnendijk werd in het spraakgebruik doorgetrokken tot de smederij van Abel Arkenbout. Toen de gemeenteraad in 1946 straatnamen invoerde kwam daar een einde aan. Rechts de dubbele woning van de twee families Batenburg. Vervolgens de woningen van Maarten Varekamp, van Aldert, Leentje en Bep Bergwerff en van Gerrit Kleijwegt. Geheel rechts de schuur van Koos Batenburg.

Vervolgen